HULST – Ambulate handelaren krijgen in de gemeente Hulst ruimere mogelijkheden om hun koopwaar aan de man te brengen.
Dat blijkt uit de concept-Nota standplaatsenbeleid.

Tot nu toe is voor iedere woonkern maar één standplaats per branche toegestaan, bijvoorbeeld een frietkraam. De gemeente wil daarmee teveel concurrentie met de gevestigde detailhandel voorkomen, maar deze economische inmenging door de overheid mag niet meer. Bovendien zijn B en W nu tot de slotsom gekomen dat standplaatsen zorgen voor sfeer, levendigheid en vaak een aanvulling zijn op het permanente aanbod. Als ze tenminste niet voor overlast of onveilige situaties zorgen. Bovendien moeten ze in de Hulster binnenstad niet vloeken bij het monumentale karakter.
Met dat alles in het achterhoofd denken B en W dat er in Hengstdijk, Lamswaarde, Ossenisse, Terhole en Walsoorden ruimte is voor één standplaats. Clinge, Graauw, Heikant, Kloosterzande, Nieuw-Namen, Sint Jansteen en Vogelwaarde hebben ruimte voor twee standplaatshouders. In Hulst worden vier permanente standplaatsen toestaan, twee bij het Stationsplein/ BACK-terrein en de andere op de Grote Markt en de Nieuwe Bierkaai. Daarnaast is er nog ruimte voor twee tijdelijke standplaatsen voor de verkoop van seizoensgebonden producten zoals ijs, oliebollen of kerstbomen.